Veelgestelde vragen over de D-Spelen
Limieten
De D-spelen zijn een zeer drukbezochte wedstrijd (ca. 600 deelnemers;
wedstrijdduur 7,5 uur). Daarom zijn wij genoodzaakt aan de deelname
een paar restricties te verbinden. Er geldt een maximum van 2
onderdelen per deelnemer. Bij discuswerpen en speerwerpen gelden limieten.
Bij hoogspringen liggen de aanvangshoogten vast; zie
hieronder. Na sluiting van de inschrijving zal aan de hand van het
aantal ingeschreven deelnemers bepaald worden of en op welke
onderdelen deelnemers zullen moeten worden afgewezen. Schrijf daarom
op tijd in en geef bij alle onderdelen de beste prestatie op!
Tijdschema
Er wordt vooraf geen voorlopig tijdschema gemaakt. De reden hiervoor
is dat de aantallen deelnemers per onderdeel ieder jaar opnieuw (soms
ruimschoots) afwijken van die van vorige jaren. Wel kan men ervan
uitgaan dat op de loopnummers de volgende volgorde wordt aangehouden:
series hordenummers, series sprint, halve finales hordenummers (indien
nodig), halve finales sprint, finales hordenummers, finales sprint, en
tot slot (aan het eind van de middag) de 1000 m en de 1000 m hindernisloop.
Combineren van onderdelen
Bij een wedstrijd als de D-spelen met zeer grote groepen deelnemers
waarbij elk onderdeel geruime tijd in beslag neemt, is het onmogelijk
om het chronologisch overzicht zo in elkaar te zetten dat elke
combinatie van 2 onderdelen zonder overlap gepland kan
worden. Uiteraard zal getracht worden het tijdschema zo te maken
dat de meest voorkomende combinaties (sprint-ver, kogel-discus)
kunnen worden gecombineerd. Als een deelnemer een loop- en een
technisch onderdeel tegelijk moet verwerken, gaat het loopnummer
voor. Meld dit bij de jury van het technisch nummer, zodat deze er
voor kan zorgen deze deelnemer eerder of later in dezelfde ronde een
poging te laten verwerken. Als er twee technische onderdelen tegelijk
plaatsvinden, meld dit dan bij de juryleden van beide onderdelen. Ook
hier kan de deelnemer dan eerder of later in dezelfde ronde zijn
pogingen afwerken.
Indeling series loopnummers
Geef bij de inschrijving voor de loopnummers de beste prestatie op. Op
de 1000 m worden de series op tijd ingedeeld (snelste series starten
als laatste). Bij de sprint en de horden worden de deelnemers op basis
van de prestaties over de series verdeeld.
Hoogspringen
Let op de aanvangs- en vervolghoogten: als je een pr hebt dat gelijk
is aan de aanvangshoogte, of slechts iets beter, denk er dan goed over
na of je wel op dit onderdeel wilt uitkomen.
Regels bij gelijk eindigen
Hier gelden de regels zoals in het wedstrijdreglement opgenomen. Bij
verspringen, kogelstoten, discuswerpen, speerwerpen geldt bij gelijk
eindigen dat gekeken wordt naar de op een na beste prestatie, etc.
Bij hoogspringen geldt het volgende: bij gelijk eindigen krijgt de
deelnemer met het geringste aantal sprongen op de laatste gehaalde
hoogte de hoogste plaats toegewezen. Als hieruit geen beslissing
volgt, krijgt de deelnemer met het geringste aantal foutsprongen over
de gehele wedstrijd tot en met de laatst gehaalde hoogte, de hoogste
plaats. Alleen als het om de eerste plaats gaat, wordt er barrage
gesprongen. Hieruit blijkt dat voor de andere plaatsen er deelnemers
gelijk kunnen eindigen.
Deelnemerskaarten
Er worden geen deelnemerskaarten verstuurd: toegang tot de wedstrijd
is immers voor iedereen gratis. Na sluiting van de inschrijving zullen
de deelnemerslijsten op de website gepubliceerd worden.